gebeurtenissen

Halloween in Den Bosch? Dat is minder vreemd dan je denkt

"Halloween is een Amerikaans feest." Die opmerking hoor je elk jaar weer. Toch kent ook 's-Hertogenbosch al eeuwenlang verhalen over spoken, geesten, heksen en andere mysterieuze verschijningen.

Sterker nog: lang voordat kinderen verkleed langs de deuren gingen en mensen met pompoenen liepen te zeulen, probeerden mensen in onze stad zich al te beschermen tegen kwade geesten en onverklaarbare krachten. Daarvan vinden we soms zelfs de sporen terug in de bodem of in oude huizen.

Monster, nagemaakt van een schilderij van Jeroen Bosch. Ter gelegenheid van de opening van het Jeroen BoschjaarMonster, nagemaakt van een schilderij van Jeroen Bosch. Ter gelegenheid van de opening van het Jeroen Boschjaar (2016). Bekijk in beeldbank Erfgoed ’s-Hertogenbosch.

Het Bossche mysterie van de omgekeerde potten

In 2020 deden archeologen aan de Weversplaats een opmerkelijke ontdekking. Onder de haard van een veertiende-eeuwse woning vonden zij drie kannen die zorgvuldig ondersteboven waren begraven. Dat bleek geen op zichzelf staande vondst. Op meerdere plaatsen in de Bossche binnenstad waren vergelijkbare potten onder vloeren en haarden gevonden. Opvallend genoeg dateren ze allemaal uit de periode tussen 1300 en 1400.

Het vrijleggen van het groepje potten onder de haard van een huis aan het Begijnstraatje
Het vrijleggen van het groepje potten onder de haard van een huis aan het Begijnstraatje.

Waarom werden deze potten begraven? Dat weten we niet zeker. Archeologen vermoeden dat het onderdeel was van rituelen om een huis te beschermen tegen ongeluk, kwade invloeden of boze geesten. Vooral de haard gold in de middeleeuwen als een belangrijke plek in huis. Hier werd gekookt, gegeten en geleefd. Misschien vond men het daarom verstandig juist hier extra bescherming aan te brengen.

Het bijzondere is dat dit gebruik vrijwel alleen uit 's-Hertogenbosch bekend is. Acht eeuwen later blijft het raadsel dus bestaan.

Een ingemetselde kat tegen onheil

De omgekeerde potten zijn niet het enige ritueel dat in de stad werd uitgevoerd. Ook andere vondsten laten zien dat mensen vroeger probeerden het onzichtbare te beïnvloeden. Bij een verbouwing van een pand aan de Orthenstraat (nummer 41) kwam in de jaren tachtig een gemummificeerde kat tevoorschijn. Het dier bleek ooit bewust in een muur te zijn ingemetseld.

Mummie van een kat die was ingemetseld in het pand Orthenstraat 41 in ’s-Hertogenbosch. De kat lijkt bewust te zijn ingemetseld
Mummie van een kat die was ingemetseld in het pand Orthenstraat 41 in ’s-Hertogenbosch. De kat lijkt bewust te zijn ingemetseld. Het is helaas niet duidelijk hoe oud de mummie is.

Dat klinkt luguber, maar dergelijke rituelen kwamen vaker voor. Men geloofde dat een ingemetselde kat het huis kon beschermen tegen muizenplagen, ongeluk of andere kwade invloeden. Veel van dit soort gebruiken gaan waarschijnlijk terug op tradities van vóór het christendom. Hoewel we niet precies weten wat mensen geloofden, lijkt het erop dat oude volksgebruiken nog eeuwenlang bleven voortbestaan.

Spoken in de Postelstraat

Ook boven de grond kent Den Bosch zijn griezelverhalen. Wie door de Postelstraat loopt, wandelt ongemerkt langs een onheilspellend verhaal uit het verleden. In deze straat staat namelijk een pand (nummer 60-62) dat bekendstaat als het 'Groot Spookhuis'. Volgens de overlevering ontstond die naam in de achttiende eeuw. Dominee Abdias Velingius kocht destijds het huis en woonde er samen met zijn geliefde Elisabeth Visch. Omdat haar moeder geen toestemming gaf voor een huwelijk, leefden zij lange tijd ongehuwd samen. Dat was in die tijd bepaald niet vanzelfsprekend. De dominee hield daarom zijn vriendin 'verscholen voor de buitenwacht'.

Het ‘Groot Spookhuis’ in de Postelstraat
Het ‘Groot Spookhuis’ in de Postelstraat. Bron: Bossche Encyclopedie.

Bewoners van de stad vertelden dat zij regelmatig een witte vrouwengestalte achter de ramen zagen verschijnen in het huis waar de predikant woonde. Niemand wist precies wie zij was. Voor velen kon het daarom maar één verklaring hebben: het moest een spook zijn.

Of de naam 'Groot Spookhuis' daadwerkelijk hierdoor is ontstaan, weten we niet zeker. Het naastgelegen pand van het ‘Groot Spookhuis, Postelstraat nummer 64, kreeg bijvoorbeeld de naam Klein Spookhuis. Alleen al die namen laten zien hoe sterk deze verhalen leefden in de Bossche volkscultuur.

Volgens andere verhalen stond de hele Postelstraat bekend als een plek waar geesten zouden rondwaren. Bosschenaren zouden er 's avonds zelfs bijeenkomen om naar de daken te staren, in de hoop een verschijning te zien. Er werd gesproken over rammelende kettingen en nachtelijke geluiden, maar een echt spook werd nooit gevonden.

De Bossche heks

Niet alle griezelverhalen zijn legendes. Sommige hebben een tragische historische kern. In 1589 werd Lyssen Thys in 's-Hertogenbosch beschuldigd van hekserij. Volgens haar aanklagers zou zij met zwarte magie stadsgenoten ziek maken en helse pijn bezorgen door naalden in wassen poppetjes te steken. Bewijs daarvoor werd nooit gevonden.

Toch werd zij gevangengezet en gemarteld. Onder de pijn bekende zij alles waarvan zij werd beschuldigd. Later trok ze haar bekentenis weer in, maar dat hielp niet. Ze werd veroordeeld tot levenslange opsluiting. Het verhaal van Lyssen laat zien hoe sterk het geloof in heksen, geesten en bovennatuurlijke krachten vroeger kon zijn.

Carnavalsvereniging D'r in en d'r uit met als motto "De Heks"Carnavalsvereniging D'r in en d'r uit met als motto "De Heks" (1958). Bekijk in beeldbank Erfgoed ’s-Hertogenbosch.

Veel ouder dan Halloween

De Bossche verhalen staan niet op zichzelf. Overal in Europa geloofden mensen dat de grens tussen de wereld van de levenden en de doden soms dun kon zijn. Zo vierden de Kelten rond 31 oktober Samhain. Het markeerde het einde van de zomer en het begin van de winter, een tijd van duisternis en kou. Volgens de legendes konden geesten tijdens deze nacht terugkeren naar de wereld van de levenden. Om zich te beschermen tegen kwade geesten ontstaken mensen vuren en droegen ze maskers. Ook de Germaanse volken in onze streken vertelden verhalen over de Wilde Jacht: een angstaanjagende stoet van geesten en doden die onder leiding van de god Wodan door de nacht zou trekken.

Toen het christendom zich verspreidde, vermengden oude gebruiken zich met Allerheiligen. De avond daarvoor stond in Ierland en Groot-Brittannie bekend als All Hallows' Eve, waar uiteindelijk de naam Halloween uit ontstond toen ze deze gebruiken mee namen naar Amerika in de 19e eeuw.

Begraafplaats Groenendaal tijdens AllerheiligenBegraafplaats Groenendaal tijdens Allerheiligen (1988). Bekijk in beeldbank Erfgoed 's-Hertogenbosch.

Een griezelfeest met Bossche wortels?

Of Halloween rechtstreeks voortkomt uit deze eeuwenoude tradities blijft onderwerp van discussie. Ook is het niet duidelijk of deze tradities exact zo nageleefd werden in deze regio. Maar één ding is zeker: lang voordat Halloween vanuit Amerika kwam overwaaien, hielden mensen in 's-Hertogenbosch zich al bezig met geesten, beschermende rituelen en het bovennatuurlijke. Van mysterieuze potten onder middeleeuwse haarden en een ingemetselde kat aan de Orthenstraat tot spoken in de Postelstraat en het verhaal van Lyssen Thys: griezelen hoort al eeuwen bij de geschiedenis van de stad.

Misschien is Halloween dus niet typisch Nederlands en al helemaal niet Bosch. Maar de fascinatie voor alles wat ons kippenvel bezorgt? Die zit ook in het Bossche verleden diep verankerd.

Meer over

uitgelicht

Ook interessant

Twee stadskastelen aan de wieg van de Bossche bouwhistorie

bouwwerken
Twee stadskastelen aan de wieg van de Bossche bouwhistorie

De Moriaan & de Roodenburg. Twee stadskastelen waarvan er maar één behouden bleef. Een verhaal over sloop, strijd, redding en het ontstaan van bouwhistorisch onderzoek in ’s-Hertogenbosch.