voorwerpen

Bossche spreidsellatjes

Bij onderzoek in de Postelstraat 44 en Hinthamerstraat 160 zijn zogenoemde 'spreidsellatjes' gevonden. Spreidsellatjes zijn in ’s-Hertogenbosch een bekend bouwhistorisch fenomeen. In de rest van Nederland komen deze merkwaardige laat middeleeuwse elementen bijna niet voor. De gevonden exemplaren zijn bijzonder vanwege hun vorm en de plaats waar ze zijn aangebracht.

Spreidsel is de benaming van vellen eikenhout die enkele millimeters dik zijn gezaagd. Het kan het best vergeleken worden met dik fineer. In de middeleeuwen werd het gebruikt om balklagen mee af te werken. Die bestonden uit zware moerbalken met haaks daarop smallere kinderbinten. Tussen de kinderbinten lag het spreidsel, dat de planken van de vloer erboven aan het zicht onttrok.


Balklaag met resten spreidsel in het achterhuis van Postelstraat 36.


Detail van een samengestelde balklaag, bestaande uit een moerbalk (A), kinderbinten (B) en een vloer (C). Tussen de vloer en de kinderbinten is spreidsel aangebracht (D) met onder de naden spreidsellatjes (E).

Het fijne hout dat nodig was en de zorgvuldige bewerking, maakten spreidsel een kostbaar product. Het is dan ook enkel in belangrijke kamers aangebracht. Behalve als uiting van rijkdom had spreidsel ook een praktisch nut. Het voorkwam de stofdoorslag van de verdieping erboven.

Opvallend is dat in ’s-Hertogenbosch de vellen spreidsel altijd korter zijn dan de diepte van een balkvak; dat is de afstand tussen twee moerbalken. Een verklaring hiervoor kan zijn dat de lengte van het speciaal ervoor geselecteerde hout langer dan 215cm werd geleverd. Doordat de vellen korter zijn dan een balkvak diep is, ontstaan er naden. Om deze uit het zicht te werken zijn de spreidsellatjes bedacht. Op de houtjes is ter versiering een profiel gesneden.

Spreidsellatjes lijken voor het eerst voor te komen in balklagen die dateren na de stadsbrand van 1463. In het na de brand van 1419 gebouwde pand Kerkstraat 14 zijn de naden in het spreidsel nog niet afgedekt. Of het om een typische Bossche vinding gaat, kan worden betwijfeld. Al in de vroege veertiende eeuw werden in Zuid Frankrijk en Italië de naden van vloerplanken aan de onderzijde met latjes afgedekt. Daardoor ontstonden tussen de kinderbinten weer kleinere vakken die decoratief werden beschilderd.

Postelstraat 44

Postelstraat 44 is rond 1490 gebouwd. Anders dan de meeste huizen staat het pand niet haaks op de straat maar evenwijdig daaraan. Zodoende is het twee maal zo breed. Daarmee liet de eigenaar duidelijk zien hoe kapitaal krachtig hij was. Het spreidsel is gevonden op de begane grond en bestaat uit hele vellen die aan één kant met een stuk van ongeveer een meter zijn verlengd. Dit is het gebruikelijke beeld. De spreidsellatjes liggen daardoor niet in het midden van een balkvak, maar dicht bij één van de moerbalken. De latjes vielen op door de ongewone vorm. Meestal zijn die plat en breed. Hier zijn ze smal en hoog. Het lijkt haast of men opzettelijk daarmee de naden heeft willen accentueren. De spreidsellatjes in Postelstraat 44 waren dus niet alleen om af te dekken, maar ook om op te vallen. Behalve als praktische oplossing waardeerde men ze ook als versiering.


Detail van de balklaag met spreidsellatjes in Postelstraat 44.

Hinthamerstraat 160

Deze indruk blijkt ook uit de spreidsellatjes in Hinthamerstraat 160. Dit huis is vermoedelijk in de eerste helft van de 16de eeuw gebouwd en staat haaks op de straat. In de kamer op de begane grond van het achterhuis is het spreidsel aangebracht. Deze ruimte is vaak de beste kamer van het huis. De latjes die zijn gebruikt zijn van het gangbare platte type. Maar anders dan in de Postelstraat bevinden deze zich vrijwel in het midden van het balkvak. Vanwege de ongebruikelijke situatie zijn de latjes nader onderzocht. Daarbij bleken er geen naden in het spreidsel te zitten en de latjes alleen nog maar als versiering te zijn geplaatst. Nog bonter maakte de bouwheer van Hinthamerstraat 86 het. Behalve om de naden af te dekken, liet hij ook halverwege het vak voor de sier latjes aanbrengen.


Een spreidsellatje in Hinthamerstraat 160.

Tekening van de spreidsellatjes in Postelstraat 44 en Hinthamerstraat 160.

Spreidsel en spreidsellatjes geven een indruk van de inrichting van de middeleeuwse huizen in ’s-Hertogenbosch in de 15de en 16de eeuw. Het gebruik ervan laat zien waar zich de belangrijkste kamers bevonden. Behalve als een praktisch middel om naden weg te werken, blijken spreidsellatjes ook als decoratie te zijn gewaardeerd en zelfs enkel met dat doel te zijn aangebracht. Waarom spreidsellatjes buiten ’s-Hertogenbosch nauwelijks voorkomen, is een vraag voor verder onderzoek.

Ook interessant
voorwerpen

Hopper toilet

Een goed voorbeeld van de groeiende bewustwording in de 19e eeuw van hygiƫne.