Terugblik op Nationale Archeologiedagen in Engelen
Twee dagen lang stond Engelen in het teken van graven, ontdekken en nieuwsgierig speuren naar het verleden. Tijdens de Nationale Archeologiedagen op 20 en 21 juni veranderde het dorp in een open onderzoeksgebied, waar inwoners en bezoekers zelf op zoek konden naar sporen uit de tijd van het beleg van ’s‑Hertogenbosch in 1629.
Verspreid door de historische dorpskern verschenen kleine opgravingsputten. Onder begeleiding van archeologen gingen deelnemers zorgvuldig de grond in. Met schep en zeef ontdekten zij wat er al die eeuwen verborgen is gebleven.
Deelnemers Nationale Archeologiedagen graven samen naar sporen uit 1629.
Zelf aan de slag in de grond
De opzet was bewust laagdrempelig: iedereen kon meedoen, ook zonder ervaring. In kleine groepjes werd er gewerkt volgens archeologische methode, waarbij iedere laag apart werd bekeken en het zand nauwkeurig werd gezeefd.
Dat leverde niet alleen enthousiasme op, maar ook mooie resultaten. Tijdens het weekend kwamen onder meer aardewerkfragmenten, stukjes kleipijp en musketkogels tevoorschijn. Zulke vondsten geven een tastbare indruk van het leven in en rond het legerkamp dat hier in 1629 lag. In die periode verbleven in Engelen duizenden soldaten onder leiding van graaf Van Solms, als onderdeel van het beleg van de stad. De vondsten helpen om dit historische verhaal verder te verdiepen.
Op ontdekkingstocht door Engelen
Ook voor bezoekers die niet zelf groeven, waren er volop dingen te beleven. Via een uitgezette wandelroute konden zij langs de verschillende opgravingsplekken lopen en het onderzoek van dichtbij volgen.
Op de archeologische markt was daarnaast veel informatie te vinden, bijvoorbeeld over de fietsroute van linie 1629. Ook waren hier vondsten te bekijken uit de 80-jarige oorlog. Wie zelf iets wilde uitproberen, kon aansluiten bij mini- workshops. Zo konden bezoekers scherven weer samenvoegen tot een pot of vaas, of ontdekken wat er allemaal tevoorschijn komt bij het uitpluizen van beerputresidu.
Iets verderop, op een apart veld, werd met metaaldetectors gezocht naar vondsten vlak onder het maaiveld. Ook bij jongere deelnemers viel dat goed in de smaak. “Ondanks de warmte is mijn zoon ontzettend benieuwd wat er allemaal te vinden is in de grond. Een dag archeoloog zijn is natuurlijk echt een droom die uitkomt!”, vertelt deelneemster Laura.
Deelnemers Nationale Archeologiedagen bij de archeologiemarkt.
Mensen en verhalen
Het weekend bracht niet alleen het verleden dichterbij, maar zorgde ook voor nieuwe ontmoetingen in het dorp. Rond de putten, de zeefinstallaties en de activiteiten ontstonden gesprekken en uitwisseling.
Volgens Dennis Dekker, teamleider team Publiek bij Erfgoed ’s‑Hertogenbosch, ligt daarin een belangrijke kracht van dit soort initiatieven:
“Het is zo belangrijk dat dit evenement mensen de kans geeft om echt samen te graven naar de geschiedenis. Zo worden zij er zelf ook onderdeel van. Bovendien brengt het mensen letterlijk tot elkaar. Buurtgenoten die elkaar nog nooit spraken staan nu ineens samen de vondsten schoon te maken.”
Deze aanpak sluit aan bij de beweging van ‘ik naar wij’ binnen de gemeente ’s‑Hertogenbosch, waarin betrokkenheid bij de eigen leefomgeving en verbinding met elkaar centraal staat.
Samenwerking
Het archeologieweekend werd georganiseerd door Heemkundekring Angrisa, in samenwerking met CARE (Community Archeology in Rural Environments), onderzoeksbureau BAAC, Erfgoed Brabant en Erfgoed 's-Hertogenbosch.