gebeurtenissen

De kikkers van de Wilhelminabrug: sporen van Hildo Krop

Al eens opgemerkt dat je bij het inrijden van Parkeergarage St.-Jan aan de Hekellaan wordt begroet door  twee breedgrijnzende granieten kikkers die de inrit flankeren? En dat je, als je daarna via de loopbrug over het water naar het centrum loopt, in de Casinotuin weer twee van die vrolijke jongens tegenkomt? Waar zouden die kikkers vandaan komen en waarom staan ze daar? Dat is een heel verhaal waarvoor we terug in de tijd moeten.


Kikker bij de ingang van Parkeergarage St.-Jan (Foto: Len Janssens)


Voorzijde van kikker bij de ingang van Parkeergarage St.-Jan (Foto: Len Janssens)

De brug naar het station

In 1875 werd er een brug, de Stationsbrug, over de Dommel gelegd om het pas gebouwde station goed bereikbaar te maken vanuit het stadscentrum. Deze houten brug werd al in 1896 vervangen door een stenen exemplaar dat ook de stoomtram moest kunnen dragen. Die brug verkeerde in 1920 al in gevaarlijk slechte staat en men drong er bij de gemeente op aan om maatregelen te nemen. Ondanks het gevaar voor mens en dier, werd er van 1920 tot en met 1922 gekibbeld over de noodzaak om de slechte brug te vervangen en hoeveel geld men hieraan wilde besteden.

Maar uiteindelijk ging men overstag. De onderbouw van de brug werd gemaakt door de “Hollandsche Maatschappij tot het maken van Werken in Gewapend Beton”, gevestigd te Den Haag. De directeur van dat technisch zeer vooruitstrevende bedrijf, A. van Hemert, was overigens wel Bosschenaar van geboorte: dat dan weer wel! Zuinigheid bleef troef: In eerste instantie werden de leuningen van de oude brug gewoon overgezet op de nieuwe, men wilde (nog) niet investeren in een monumentale bovenbouw.


Wilhelminabrug rond 1930 gezien in de richting van de Stationsweg.

Hildo Krop; “communistische koekenbakker“ in een katholieke stad

Maar uiteindelijk kwam het er toch van: Op 30 december 1922 werd alsnog besloten de granieten bovenbouw af te werken. Beeldhouwer Hildebrand Lucien (Hildo) Krop werd aangezocht om de klus te klaren. Dat de directeur gemeentewerken deze gerenommeerde beeldhouwer naar voren schoof om de opdracht uit te voeren mag best opmerkelijk genoemd worden.

Hildo Krop (Steenwijk 26/02/1884 –Amsterdam 20/08/1970) was een tamelijk vrijgevochten bakkerszoon, tot 1918 lid van de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij (SDAP) en daarna sympathisant van de communistische partij. Dat maakt hem niet tot de meest voor de hand liggende keuze voor een opdracht in het conservatieve, katholieke ‘s-Hertogenbosch van de jaren 1920! Maar ongetwijfeld gaven zijn artistieke kwaliteiten de doorslag; hij was een begaafd en productief kunstenaar en vanaf 1916 stadsbeeldhouwer van Amsterdam. En dat laatste bleef hij zijn hele werkzame leven. In die stad is dan ook heel veel van zijn werk te zien, er is zelfs een Hildo Krop-fietsroute.

Onomstreden was hij overigens ook in Amsterdam niet. Zo schreef Gerard Reve, de bekende auteur en vriend van de familie Krop, ooit dat hij zich ergerde aan de beelden van Krop in de Amsterdamse Betonwijk. Hij noemde ze “…die verschrikkelijke geslachtsloze beelden van de communistische koekenbakker Hildo Krop”.


De Wilhelminabrug rond 1930 gezien vanaf de Van der Does de Willeboissingel.

De brug verfraaid

Hildo Krop ontwierp modellen voor granieten beeldhouwwerk aan de vier pylonen, de leuningen en de landhoofden.

  • Aan de vier uiteinden van de brug symboliseerde een kikker “de ligging van den stad in den watervloed en de lage ommelanden”. Eveneens in verband met dit “waterkarakter“ lagen op elk van de beide leuningen twee otters elkaar aan te kijken. (Die beesten werden in de oorspronkelijke opdracht aangeduid als “zeehonden” maar je hoeft geen bioloog te zijn om te zien dat het hier echt om otters gaat!)
  • De pylonen aan de stationszijde kregen elk een ruiterstandbeeld: hertog Hendrik van Brabant (symbool van stoffelijke welvaart) en Maximiliaan van Oostenrijk (bloei van de stad).
  • Voor de pylonen aan de stadszijde ontwierp hij twee standbeelden: de schilder Jeroen Bosch (als symbool van de beschaving) en bisschop Sonnius (symbolisch voor het geestelijk leven).

Het idee om Sonnius een plaatsje op de brug te geven gaf nog wel wat problemen. Sonnius werd in 1561 de eerste bisschop van 's-Hertogenbosch, wat toen niet in goede aarde viel bij de lokale kerkbestuurders.

En in 1923 werd hij opnieuw onderwerp van (religieuze) discussie. Dat de bisschop een plaatsje op de brug zou krijgen schoot namelijk in het verkeerde keelgat bij de predikanten W. Meindersma , H.W.A. Voorhoeve, C.H. Hagen en J. van der Meulen, Zij tekenden op 25 juni 1923 bezwaar aan tegen de plaatsing van zo’n katholiek symbool op de brug. Het bezwaar werd verworpen. Hildo Krop kon zijn gang gaan.

Bij de feestelijke opening van de stationsbrug in 1923 kreeg deze officieel de naam Wilhelminabrug. De prachtige brug werd helaas bij de bevrijding in oktober 1944 zwaar beschadigd. Er was geen redden meer aan en in 1954 werd er dan ook een nieuwe brug opgetrokken. Dat is de brug die er anno 2020 nog steeds ligt, met beeldhouwwerk van Frans van der Burgt die de geschiedenis van de stad in steen vervatte. 


Ruiterstandbeeld van Hertog Hendrik I van Brabant aan de noordwestpijler van de Wilhelminabrug, 1933.


Beeld van Bisschop Sonnius aan de zuidoostpijler van de Wilhelminabrug, 1933.

Een nieuwe bestemming na de verwoesting in de oorlog

Enkele beeldhouwwerken van Hildo Krop waren na het oorlogsgeweld echter nog intact. Dat waren vier kikkers, twee otters en het ruiterstandbeeld van Maximiliaan van Oostenrijk. De kikkers kregen al snel een plaatsje bij het (inmiddels naar de Pettelaar verplaatste) Henri Bakker-monument aan de Hekellaan. Maximiliaan van Oostenrijk stond lange tijd in het nabijgelegen Zuiderpark en de otters flankeerden vanaf 1986 de ingang van het Brabantbad aan de Van Grobbendoncklaan. Het bad werd in 1998 gesloopt waarna de otters in de gemeentelijke opslag verdwenen.

Herplaatsing in 2015

In 2015, toen de nieuwe Parkeergarage St.-Jan werd geopend, kregen al deze beelden weer een nieuwe plaats toebedeeld. Maximiliaan vond een nieuwe stek aan de Pettelaarseweg. De vier kikkers staan bij de inrit van de garage en in de casinotuin. De twee otters vonden al overigens al eerder een nieuwe stek, namelijk aan het Schout van Hanswijkplein in de Maaspoort.

En zo zijn er gelukkig in onze stad dan nog altijd een aantal sporen te vinden van Hildo Krop. In 2020 is het 50 jaar geleden dat hij stierf. Op verschillende plaatsen in Nederland wordt speciale aandacht aan hem besteed; een mooie aanleiding om ook zijn werk in ’s-Hertogenbosch voor het voetlicht te halen!


Ruiterbeeld van Maximiliaan aan de Pettelaarseweg, 2019. (Foto: Len Janssens)

Bronnen

Geschreven door: Len Janssens

Ook interessant
gebeurtenissen

De vaas en andere sporen van Vreugde

In de voorhal van het Groot Tuighuis staat een bijzondere plantenbak. Hoewel best fors van afmeting zien de meeste bezoekers die helaas volledig over het hoofd. En dat is heel jammer. Want wat zien we?

voorwerpen

Van vissenkop naar kamhagedis

Een inwoonster van ’s-Hertogenbosch bracht in 2016 een gebeeldhouwde vissenkop naar het Groot Tuighuis. Zij had gehoord dat het stuk beeldhouwwerk afkomstig was van de Wilhelminabrug. Maar klopt dat wel?